Verslagen Radiocafé

15 april 2008: De Reflexsuper

Het is de speciaal aangekondigde avond waar Gyula Kiss zijn exclusieve reflexsuper zal bespreken waarin slechts een ECC81 in een wel heel bijzondere reflexschakeling. Met als sluitstuk het zonder hulpcomponenten vervangen van deze dubbeltriode door twee J-Fets gemonteerd op een Noval stekker.

Daar het toestel direct op het net wordt aangesloten had ik op verzoek een scheidingstrafo mee gebracht om geen problemen te krijgen met de oscilloscoop tijdens de metingen.

In mijn inleiding vertelde ik, dat een scheidingstrafo door mij wordt gebruikt om de soldeerbout op aan te sluiten. Iedere radiomonteur die wel eens tv's heeft gerepareerd zal meestal geen gebruik gemaakt hebben van zo'n trafo. Ach af en toe een schok daar kan je als oplettend technicus wel mee omgaan. Echter moderne technieken moeten voorzichtig worden behandeld en zelfs een uitgeschakeld apparaat voorzien van moderne IC's en hoe deze ook mogen heten, zijn erg gevoelig voor statische spanningen en kunnen ongemerkt sneuvelen.

Een goede scheidingstrafo is dan ook nooit van het type waarbij een mantelkern is gebruikt met twee over elkaar gewikkelde wikkelingen. Onderlinge capaciteit kan namelijk al desastreus zijn. Dus altijd op een tweebeen kern gewikkeld, waarbij op ieder been een wikkeling. Geen ringkern, zoals iemand opmerkte, want deze zijn absoluut ongeschikt voor veilig gebruik van de soldeerbout als deze daar op aangesloten wordt.

Dat Gyula ook de Fet's ter vervanging ging demonstreren betekende dat voor mij een terugblik nu veertien jaar geleden, in het spreekuur NVHR 4/94, waarin ik de BF459 als vervanging beschreef voor een E499. Een transistor geschikt voor hoge spanningen. Een hulpmiddel om in te bouwen in de voet van de defecte lamp. Geen opzienbarende schakeling met de lage ingangsimpedantie, maar voor die tijd iets nieuws. Een schakeling die door velen is gebruikt ook in de lampen met een topaansluiting.

Langs het glas werd dan een dun draadje naar de top gevoerd. Ik trof dat laatst aan in een 2534 op de veiling in Driebergen, wel met een kaartje erbij dat de lamp niet getest kan worden in een buizentester. Wel zo netjes van de constructeur! In feite voor tetroden als de E442 en E462 is dat draadje niet nodig want de schermroosteranodecapaciteit is groot genoeg om de zogenoemde Idzerda koppeling toe te passen. Zoals bijvoorbeeld in de Avro Kassandra radio. Slechts een extra weerstandje naar het schermroosterpootje in de lampvoet is dan voldoende om een goed werkende lamp te verkrijgen.

Na deze korte inleiding kwam Gyula aan het woord die eerst de aandacht vestigde op zijn gehele oeuvre van ontwikkelde apparaten die rondgingen in de kring van aanwezigen. De 300 Watt omvormer, de koolstofversterker die de naam mee kreeg 'Carbosistor', de penluidspreker en de kristalaftaster. Stuk voor stuk juweeltjes die door de aanwezigen met bewonderende blikken werden bekeken.

Dan komt de uitleg van het superheterodyne wondertje, de éénbuisradio werkend op luidsprekersterkte! Reflex op hoog niveau! Een werkelijk subliem uitgekiend schema waarbij een der trioden oscilleert, additief mengt en zelfs nog in staat is om laagfrequent signalen te versterken. Volgens Gyula slechts mogelijk door in klasse A te werken. Daarbij memoreerde hij geen gegil, gehik en genereergeluiden heeft mogen mee maken zoals beschreven in oude verhalen van ver uit de vorige eeuw.

Vergeet echter niet dat men toen zich moest behelpen met een houten duimstok en weekijzeren zakvoltmeter en nu ter beschikking staan de meest geavanceerde meetinstrumenten, zoals hoogfrequent generatoren en dubbelstraalsgeheugenoscilloscopen. De beelden te zien op de scoop waren erg schoon en zuiver en ongenode frequentie's of vervormingen waren er niet te zien. Duidelijk dat er veel aandacht aan is besteed om deze ontvanger te ontwerpen.

Denk niet dat deze ontvanger in een weekend even in elkaar werd gezet, daar is lang aan gewerkt om dit prachtige resultaat te kunnen bereiken. Diegene die denkt met een oude Amroh 402 spoel aan de slag te kunnen gaan, kan beter maar gelijk met het project stoppen. De spoelen moeten namelijk grotendeels zelf gewikkeld worden na ingewikkelde formules doorgeworsteld te hebben. Waarbij ook Ed Plevier met wiskundige berekeningen en ik zelf rekenkundig met een hoop nullen en delta's die Gyula, zoals hij zegt , duizelig doen worden.

Uiteindelijk bleek dat wij dezelfde uitkomsten aanleverden die Gyula op een voor ons onduidelijke wijze met een hoop getallen en veel exponenten had berekend. De ingangskring bleek moeilijk of zelfs geheel niet goed ingesteld te kunnen worden, hetgeen veel hoofdbrekens opleverde. Later bleek dat de koppeling tussen de spoelen niet klopte, omkeren van de aansluitingen van de antennekoppelspoel bleek uiteindelijk de oplossing.

Aardig is dat we in het boek van 'Anneke' in het hoofdstuk 'Maupassant' eenzelfde storing tegenkomen bij het lezen. Er komt toch meer voor kijken dan even een Pin-Up super van Amroh in elkaar zetten. Het keurig gebouwde toestelletje trok alle aandacht van de vele aanwezigen en het werkte perfect.

Het nadeel van zo'n project en het houden van een lezing daarover is, als je daarmee wilt doorgaan, dat je steeds weer wat anders moet verzinnen. Je kan moeilijk doorborduren op een voorgaand onderwerp. Dat moet natuurlijk weer iets nieuws zijn of een schakeling uit de oudheid dat weer in een nieuw jasje wordt gestoken.

Na de pauze met frisdranken naar keuze, stukjes kaas, worst enzovoorts, brak het grote moment aan. Het verwisselen van de buis door de kleine Fetjes (zie de foto), de verwachtingen waren hoog gespannen. "Dit kan natuurlijk niet"; zal menigeen gedacht hebben: "Dat wordt direct sneuvelen van de Fets met een knal en de daarbij opstijgende rookkolom."

Enkelen deden zelfs een stap achteruit. Echter niets van dit alles, het toestel speelde rustig verder met deze verandering. Dus toch een definitief einde van onze vertrouwde buizen. Nooit meer de opmerking: "Ja hoor er staat spanning op, de buizen branden."
Wie weet, voorlopig maak ik mij daar nog geen zorgen over.

Piet van Schagen