Verslagen Radiocafé

Verslag 15 januari 2008: Draadrecorders

Deze avond stond in het teken van de draadrecorders. Het aantal bezoekers was groter dan ooit en een enkeling moest genoegen nemen met een staanplaats. Bij het binnenkomen kon men kon men al gelijk kennis maken met een werkende Webster 80-1, die met een onverwacht goede geluidskwaliteit, muziek uit de jaren zeventig deed horen. Ook was aanwezig uit Amstelveen onze radiobeer Jack die direct een plaatsje zocht naast de recorder die gelijk 'Coma Prima' liet horen. Er gaan geruchten dat Jack zelf een morselicentie heeft en regelmatig de sleutel bedient.

Even na achten opende ik de avond met allereerst de beste wensen voor 2008 en dat er in dit nieuwe jaar nog veel interessante voordrachten mogen volgen. Daarna werd de Webster 80-1 besproken. Een recorder waarbij een roestvrije staaldraad van 0,0036 inch (ongeveer 0,09 mm) met een snelheid van 2 feet/s (ongeveer 61 cm/s) langs een opname/weergave kop loopt. Ik neem aan dat deze snelheid standaard is, want ook spoelen van de Amroh Wiramphone kan ik op deze recorder afdraaien. De machine heeft geen capstan met aandrukrol maar wordt slechts door de opspoelhaspel voortgetrokken. Begrijpelijk de vraag: "Is er dan geen snelheidsverschil tussen het begin en het einde van de draadspoel?"

Dat is maar weinig, de opspoelhaspel heeft weliswaar maar een diameter van 4 inch (± 10 cm) en geheel vol gedraaid met het dunne draad neemt deze doorsnede nauwelijks toe. De draad loopt langs een kop waarmee de draad voor geluidsopname wordt gemagnetiseerd, evenredig met de elektrische stroom die door de bekrachtigingsspoel van de opnamekop vloeit. De opname-/weergavekop bestaat uit een ijzerkern waaromheen een spoel. Het kernmateriaal heeft een lage remanentie, de kern is gelamelleerd of bestaat uit een speciaal materiaal zoals weekijzer om wervelstromen gering te houden.

De kern heeft een nauwe luchtspleet, in de grote van 100 micron (0,1 mm). De kop is zo geslepen dat de draad goed contact maakt met de kern en een groot deel van de door de spoel opgewekte magnetische krachtstroom door de draad vloeit. Door de spoel van de opnamekop gaat behalve de signaalstroom ook nog een stroom voor hoogfrequente voor magnetisatie. Het frequentiebereik wordt bepaald door de spleetbreedte en de snelheid van de draad en deze is bij de Webster 80-1 recorder ongeveer 70-5000 Hertz . Dezelfde spoel van de kop wordt ook gebruikt voor de weergave. De machine werd geleverd met een Shure MM-35 kristal microfoon met inbegrip van drie draadspoelen voor $149,50.

Klik op schema om te vergroten

Klik om te vergroten

Het schema had wel enige uitleg nodig, de eerste buis de 6SJ7 daarvan is de kathode geaard, het negatief voor het rooster wordt bereikt door de vrij grote lekweerstand van 47 MOhm en een condensator 0,01 µF. Voor diegenen die menen dat ontkoppelcondensatoren met slechts al een geringe weerstand weggeknipt moeten worden, keken raar op dat hier in plaats van een ontkoppel-C aan het schermrooster, een weerstand van 18 kOhm is gemonteerd. Het is een schakeling met vaste schermroosterinstelling zoals we die ook aantreffen in oude toestellen waar tetrode lampen worden gebruikt. Denk aan de 2511 en 2514!

De ontkoppel-C is dan overbrugd met een weerstand in de orde van 75 kOhm. Hier is de tegenkoppeling zo weinig, dat men de condensator waarschijnlijk niet noodzakelijk vond. Tijdens opname werkt de eindbuis 6V6 als oscillator in een Hartley-schakeling met een frequentie van 40 kHertz. Het audiosignaal gaat direct vanaf de anode van de 6J5 naar de voice-coil van de kop. Ook gaat van hieruit via een condensator een signaal naar een neonlamp die als indicator dient tegen oversturing van het signaal. De lamp mag net even oplichten bij zware passages van het geluid.

Het is mogelijk via een hoofdtelefoon tijdens de opname het audiosignaal te volgen. Hiervoor is een driestandenschakelaar aangebracht rechts op het deck. In stand 1 is de luidspreker ingeschakeld, tevens kan dan een extra luidspreker aangesloten worden. In stand 2 is deze uitgeschakeld en op dezelfde plug van de extra luidspreker kan een hoogohmige hoofdtelefoon aangesloten worden, die dan verbonden is met de anode van de 6J5. In deze stand en ook in stand 3 is de secundaire van de uitgangstrafo kort gesloten.

Ook John Hupse had enige wire-recorders meegebracht waaronder de eerder genoemde Wiramphone recorder, die duidelijk de Webster als voorbeeld heeft gehad. Deze is echter ook geschikt om platen af te draaien en gelijktijdig op te nemen.

John Hupse nam het woord over en ging dieper in op het magnetisatieproces van de draad tijdens de opname. Het is het remanente veld dat ontstaat door hysteresis, dat wordt gebruikt bij magnetische opnamen. Aangezien er enorm veel Weiss-gebiedjes zijn waarvan de magnetische momenten initieel in een willekeurige richting liggen, is het netto magnetische moment in een maagdelijke draad gelijk aan nul. De magnetische sterkteverschillen van de opnamekop gelijk aan het toegevoerde audiosignaal zorgen er voor dat de Weiss-gebiedjes meer of minder worden beďnvloed. Met tekeningen op het bord wordt een en ander verhelderend duidelijk gemaakt. Er wordt nog even een link getrokken naar de eerder besproken Marconi-detector.

Na de pauze werd van het daarop volgende programma 'acculaderproblemen' afgeweken en door Dick Zijlmans, op verzoek, een film van de VERON vertoond. Een leuke opname waaruit blijkt dat het niet alleen maar verbindingen maken betreft via zenders en ontvangers en het heen en weer sturen van bevestigingen van ontvangst: de bekende QSL kaarten. Er wordt veel gedaan aan de educatie van de jeugd middels diverse projecten: soldeerlessen waarbij het verschil werd getoond van plakken en echt solderen.

Diverse voor vele op dat moment nog onbekende bijzondere activiteiten, waaronder tv-projecten, hoogstandjes wat betreft zelfbouwantennes en -toestellen. Ook de benodigde gegevens betreffende opleiding tot zendamateur. Met een slotwoord van Geert Paulides die in het Electron een radiocursus voor de jeugd heeft geschreven. Na deze film werd er nog veel onderling nagesproken en John haalde ondertussen het chassis van de Wiramphone uit de kast, zodat men ook een blik kon werpen in het inwendige.

Ik kreeg de indruk dat het voor een ieder een leerzame en leuke avond was. Over veertien dagen weer een caféavond dan zal alsnog het autoacculaderprobleem besproken worden en waarom een regelbaar voedinkje daarvoor ongeschikt is.

Piet van Schagen